Nieuws
Stap ++:
Wat is in hemelsnaam een stap ++’er? Het leest als een typefout en het klinkt zeer oud, als de overtreffende trap van 60+’er.
We werken nu ongeveer een jaar en half in een klein groepje met Jan De Meyer, Reinout Van Kerrebroeck en Floris Claerhout. Wie het plezier heeft gehad om tegen hen te spelen begin 2009 en nu kan beamen dat ze veel vooruitgang hebben geboekt.
En hoeveel diagrammen lossen we dan eigenlijk op tijdens zo’n zondagvoormiddag? Eigenlijk meestal geen één. Al van bij het begin van de cursus vonden zowel studenten als de lesgever het eigenlijk plezanter om allerhande materiaal te verzamelen dan slaafs een boek te volgen. Zo spelen we zeer veel partijen na uit de grootmeesterpraktijk, waarbij het dan een opdracht is voor mij om tactische gevechten te vinden die én uitdagend genoeg én begrijpbaar zijn. Ik zal proberen er enkele op deze website te bespreken.
Meestal start de sessie met wat eindspelkennis waarbij ik een boek volg dat eindspelkennis per niveau geeft. Wat moet een -1400 of een -1600 van het eindspel kennen? Deze benadering is veel interessanter dan de gebruikelijke opdeling in pionneneindspelen, toreneindspelen, etc. waar men bij elk onderwerp al snel op veel te complexe problemen stuit.
Openingen heb ik nooit bijzonder interessant lesmateriaal gevonden. Toch niet de studie van lange varianten. Wat wel aan bod komt zijn algemene principes. Bvb Franse doorschuifvariant. Waarom is het een slecht idee om met wit Lb5 en Lc6: te spelen.
Hun partijen zijn ook altijd interessant materiaal, al blijft een duidelijke notatie daarvoor onontbeerlijk natuurlijk. Maar het is wel lachen als de torens paardensprongen maken. En we proberen onze zondagvoormiddagen te vullen met spelplezier.
En mijn eigen partijen? Maw hoe ijdel is de lesgever? Bij uitzondering durf ik wel eens iets tonen, als ik het instructief vond, maar ik durf ook wel eens op didactisch verantwoorde manier de boot in te gaan, en dat mag zeker zo goed aan bod komen. Maar meestal zijn de besproken partijen niet van mijn hand. En daar is een goede reden voor. De ervaring leert dat spelers/lesgever nogal snel hun partijen als creaties beschouwen. En gelukkig weet Fritz ons met beide fouten op de grond te houden.
Tot zover deze korte kennismaking.
Franstaligen ondertekenen hun mails vaak met “à +”, een afkorting van “à plus tard”, tot later.
Je zult het mij dan ook niet kwalijk nemen dat ik afsluit met
à++
toegevoegd door D'hondt Peter op 2010-05-13 17:33:20
